Verkapte bankruns vinden oorzaak in beleid centrale banken en slecht risicomanagement
Het debacle van de Amerikaanse Sillicon Valley Bank is vooral toe te schrijven aan twee zaken. Allereerst het zeer ruime monetaire beleid van centrale banken in de afgelopen jaren, waarbij rentes tot 0% (en in Europa zelfs -0,5%) werden gebracht en de balansen van de centrale banken werden gebruikt om op zeer grote schaal laag renderende obligaties op te kopen. Dit beleid heeft het zicht op risico’s vertroebeld en heeft aangezet tot ongekende speculatie. De risico’s van dit beleid zijn door de recente en enigszins abrupte verandering (van een extreem ruim beleid naar verkrapping) aan het licht gekomen.
Ten tweede: een deel van de gecreëerde liquiditeit vond zijn weg naar banken die een probleem hadden om deze toestroom aan liquiditeiten een bestemming te geven. Meerdere banken hebben deze liquiditeit gebruikt om op grote schaal obligaties en hypotheekportefeuilles aan te kopen. Hoewel veel banken het renterisico afdekken, zijn er diverse Amerikaanse grotere regionale banken die dit niet hebben gedaan.
Vooral diverse grotere Amerikaanse regiobanken hebben zich hieraan schuldig gemaakt, waarbij de Sillicon Valley Bank er met een investeringsportefeuille van 57% van het balanstotaal uit springt. De Sillicon Valley Bank was zich terdege bewust van de risico’s die ze nam, gezien het feit dat ze het balanstotaal onder de 250 miljard USD heeft gehouden om zo het strengere toezicht op banken te ontlopen. Bovendien werden er geen rente-hedges gebruikt. Slecht risicomanagement dus dat door het op grote schaal opvragen van deposito’s zichtbaar is geworden, aangezien de investeringsportefeuille met flinke verliezen moest worden verkocht.
De directe risico’s voor de Europese banken en verzekeraars in onze portefeuille (alleen Nederlandse, Belgische en Britse financiële waarden) lijken beperkt omdat er nauwelijks blootstelling is aan Amerikaanse regionale banken en de beleggingsportefeuilles van banken relatief klein zijn ten opzichte van de balanstotalen. De meeste banken hebben de deposito’s vooral gebruikt voor leningen en daarnaast worden er zeer grote bedragen aangehouden bij de centrale banken. Voor verzekeraars is het matchen van assets en verplichtingen het meest essentiële onderdeel van de bedrijfsvoering. Uit de sensitiviteitsanalyses blijkt dat ze een flinke buffer hebben om turbulentie op financiële markten op te vangen.
Wel is er in Europa een bank die om andere redenen in de problemen is geraakt en dat is de Zwitserse zakenbank Credit Suisse. De onderneming heeft de afgelopen jaren diverse schandalen gekend en heeft over 2022 een flink negatief resultaat geboekt. Omdat er al langere tijd op grote schaal liquiditeit werd onttrokken en er onzekerheid bestond over de kapitaalpositie van de bank, is de Zwitserse Nationale bank (SNB) Credit Suisse te hulp gekomen met diverse leningen ter grootte van maximaal 50 miljard CHF. Omdat deze maatregel onvoldoende bleek te zijn om de uitstroom van liquiditeit te stoppen, heeft de andere grote Zwitserse bank UBS, onder zware druk van de SNB, Credit Suisse overgenomen. UBS heeft een lage overnameprijs kunnen bedingen van 3 miljard CHF, te betalen in eigen aandelen. Daarbovenop heeft UBS een overheidsgarantie van 9 miljard CHF gekregen en worden voor 16 miljard CHF aan Credit Suisse AT1 obligaties volledig afgeschreven.
Vooral het volledig afschrijven van de AT1 obligaties is een ongekend precedent, vooral omdat de houders van dit papier nog slechter af zijn dan de aandeelhouders (die overigens ook niet veel over houden). Niet voor niets worden deze leningen ook wel ‘sudden death bonds’ genoemd.
De AT1-leningen van Credit Suisse en ook die van UBS zijn overigens de uitzonderingen in de 275 miljard grote markt van AT1-leningen in Europa. De overige AT1-leningen in Europa worden omgezet naar aandelenkapitaal indien de solvabiliteit te laag is. Niettemin ging de hele markt op dit nieuws fors onderuit, omdat het risico anders moet worden geprijsd. Voor de liefhebbers, de AT1-leningen van Credit Suisse handelen rond de 3% (van de oorspronkelijk 100%), omdat houders van deze leningen ongetwijfeld naar de rechter zullen stappen vanwege de enigszins vreemde gang van zaken. Overigens, wie de prospectus goed gelezen had, was gewaarschuwd voor de mogelijke oplossing in het geval van problemen. Ambassador Vermogensbeheer heeft geen enkele AT1-lening in portefeuille vanwege het te lage rendement gegeven het staartrisico op deze leningen.
Wij denken dat het debacle bij de Sillicon Valley Bank (en enkele andere Amerikaanse regionale banken) en de problemen bij Credit Suisse geen sectorbreed probleem is. Noordwest-Europese banken zijn goed gekapitaliseerd en beschikken over voldoende liquiditeit, ook nog eens in de vorm van een ruime diversiteit aan financieringsbronnen.
Hoewel de koersdalingen van verzekeraars van de laatste tijd anders doen vermoeden, is de operationele gang van zaken door de jaren heen vrij solide. We verwachten dat dit de komende jaren niet anders zal zijn en dat deze partijen in staat zijn om grote bewegingen op financiële markten prima op te vangen.
Wij hebben momenteel ongeveer 7% exposure naar Europese banken en 13% naar verzekeraars. Recent hebben we twee verzekeraars in portefeuille weer naar de modelweging bijgekocht. Bij verdere koersdalingen sluiten we niet uit om onze posities in banken en verzekeraars uit te breiden.
Dr. Ir. Mark de Bruijne CFA – Hoofd Beleggingen

Let op: Beleggen brengt risico’s met zich mee. Uw inleg kan minder waard worden.
De in deze (video)boodschap verstrekte informatie is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies en is geen aanbeveling of uitnodiging tot koop of verkoop van enig instrument. De informatie is uitsluitend bedoeld om kennis te maken met de beleggingsvisie van Ambassador. Aan de informatie kunnen geen rechten worden ontleend.